1851

Call me Ishmael.

Dit is één van de bekendste openingszinnen uit de wereldliteratuur. Ishmael is de enige overlevende van de walvisvaarder Pequod. Hij vertelt zijn verhaal via de pen van de Amerikaanse schrijver Herman Melville. Het verhaal van de obsessieve kapitein Achab in zijn bezeten jacht op de witte potvis Moby Dick. En die uiteindelijk zijn noodlot niet kan ontlopen en met man en muis vergaat. Behalve Ishmael dus, dankzij de zelfgemaakte doodskist van een ander bemanningslid, de harpoenier Queequeg. Kapitein Achab zelf gaat verstrikt in harpoenlijnen op Moby Dick mee de diepte in. Prachtige vertellingen over een zeer bont en divers gezelschap als bemanning, over walvissen, over menselijke zwakheden en sterktes. De eerste uitgave in Engeland in 1851 werd zwaar gecensureerd. Veel passages en zelfs een geheel hoofdstuk bleken geschrapt te zijn. Qua aantal viel dat wel mee, want het boek telt 135 hoofdstukken. En aan een boom zo vol geladen, enzovoort. Maar het hoort niet! Het ging om voor Engeland minder gunstige uitlatingen plus onderwerpen, die beslist niet door de preutse Victoriaanse beugel konden. Zoals de indringende beschrijving van het seksleven van de walvis. En blauwe vinvissen bijvoorbeeld winden er geen doekjes om. Uiteraard is die censuur later weer ongedaan gemaakt.

Meer lezen1851

Schaakstad 3 kampioen!

André Huis in ’t Veld

Na een zinderende gezamenlijke slotronde op vrijdag 7 april in Ede heeft Schaakstad 3 het kampioenschap in de 1e klasse A behaald. Begonnen was met een voorsprong van één machtpunt op Zutphen 1 en twee matchpunten op een drietal andere ploegen, waaronder de directe tegenstander van die avond, VSG 1 uit Ermelo.

In Ede ontvouwde zich een regelrechte thriller. Het gepruts aan bord 8 door uw verslaggever werd gecompenseerd door overwinningen van Theo Visschedijk, invaller Frie van Belle en Sebastiaan Jongen. Daarnaast waren er nederlagen voor Marco van de Nieuwendijk en Hans Bouwer. Nico Olivier en Jelle Bauer sleepten beiden een remise uit het vuur. Eindstand 4-4 en dus zou het zeer waarschijnlijk zijn dat Zutphen bij winst ons op bordpunten voorbij zou komen. Dat gebeurde echter niet. Alle vier de wedstrijden van deze slotronde eindigden in 4-4. Het blijkt dus dat je met vier gelijke spelen en slechts drie overwinningen gewoon de beker (een fles wijn in dit geval) mee naar huis kunt nemen. Op basis van de bordpunten zouden we op de vierde plek geëindigd zijn.

De prijs voor het beste individuele resultaat in deze klasse ging naar onze debutant Jelle Bauer, met 6 punten uit 7 partijen.

Met dit kampioenschap herovert Schaakstad 3 een plek in de promotieklasse van de OSBO, ten koste van het al gedegradeerde Schaakmaat 1.

Het vierde vierde het

Het vierde vierde het kampioenschap van de derde (neen, niet vierde) klasse op de vierde van de vierde na de wedstrijd tegen het vierde van Meppel. En na deze laatste ronde kunnen beide vierde teams de teugels laten vieren. Klus geklaard, het zit er op.

Nou en, hoor ik u denken, waar heb je het over, het is toch slechts de onderbond? Gelukkig zijn gedachten stemloos. En mocht er heel misschien heel wellicht eventueel een heel minieme kern van waarheid in zitten (natuurlijk niet) dan zijn van de zeven teams er zes het niet geworden en wij wel. Bovendien is het woord ‘slechts’ niet op zijn plaats, alsof de prestatie daardoor minder waard is. Mooi niet, kampioen is kampioen. Dat vieren gebeurde overigens op een heel ingetogen wijze, wij zijn niet van die uitbundige wildebrassen. Geen gezamenlijke dab, geen high five (neen, ook geen four), geen boks, niets van dat alles. Een waarderende blik, een goed gedaan jongens, dat soort dingen, maar wel blij! En die tattoo van teamleider Adriaan? Eerst zien, dan geloven.

Lees verder…