Derde team verliest eerste wedstrijd

KNSB-competitieHoe het kan verkeren. Twee jaar geleden waren we nog trotse koploper met alleen nog lager geplaatste tegenstanders voor de boeg, tot corona de competitie stillegde. En nu verliezen we met 4,5-3,5 van een naar ELO-rating gezien mindere tegenstander. En gezien het spelbeeld was dat helemaal terecht. Alleen onze buitenspelers Aart van de Peut (op bord 8) en in mindere mate Cees Visser (op bord 1) kregen in hun partij het initiatief.

Aart ontwikkelde met wit een koningsaanval, die de tegenstander niet wist te pareren. De zwarte toren stond op een gegeven moment ingesloten op h8 en deed helemaal niet mee aan het spel. En daar weet Aart wel mee om te gaan. Dat leverde ons het enige echt verdiende punt op. Cees was met zwart wel sneller ontwikkeld, maar had geen echte aangrijpingspunten en wist niet te profiteren. Met remise als gevolg.

Ook André Huis in ’t Veld en Rob Duin speelden remise. Maar zij speelden allebei met wit op de borden 6 en 4. André kreeg Zweeds tegen en een behoedzaam spelende tegenstander. Echt voordeel zat er niet in, zodat het remiseaanbod werd geaccepteerd. Voor herintreder Rob was het de eerste externe partij in tien jaar. En het lijkt erop dat zijn partijen vooral opgezet worden om niet te verliezen. En dat doet Rob erg degelijk. Ik ben er van overtuigd dat Rob snel tot spectaculairdere partijen gaat komen.

En dan de verliezers: Cees Sep, Anton Weenink en Marcel Boel. Is het nu toeval dat dit allemaal invallers waren, of had het meer te maken met het feit dat ze allemaal met zwart speelden?

Cees (bord 5) zijn partij was gelijkwaardig en de torens werden al snel geruild. En als je dan daarna een stuk weggeeft, kun je gelijk opgeven. Dit onderstreept zijn vooraf gemelde gevoel dat hij “niet in vorm” is, maar wat nu niet is kan altijd weer terugkomen, Cees!

Anton (bord 7) kreeg in de opening een aanval op f7 te verduren, die alleen met opoffering van de d-pion gepareerd kon worden. Normaal krijgt zwart dan een actieve stelling als compensatie, maar niet in dit geval. De tegenstander speelde een andere variant dan normaal en Anton kon het juiste vervolg achter het bord niet vinden. Op zich was dit nog geen probleem, maar toen een veronderstelde fraaie aanval van Anton een fata morgana bleek, waardoor de stelling nog verder verzwakte, en Anton later nog een kwaliteit verloor, was het gevolg een nul op het scoreformulier.

Marcel (bord 3) kreeg het Londense systeem tegen en speelde iets te actief, waardoor de tegenstander op de damevleugel erg veel druk kon zetten en uiteindelijk ook een pion kon winnen. Marcel probeerde op de koningsvleugel compensatie te krijgen, maar dat leverde te weinig op. De overmacht aan pionnen op de damevleugel werd hem te veel.

Vervolgens bleef mijn partij op bord 2 over. De langstdurende in de zaal. In een Siciliaanse opening speelde ik te snel f5 en kwam door goed spel van de tegenstander iets minder te staan. Uiteindelijk ontstond een toreneindspel met evenveel pionnen, maar een actievere koning van de tegenstander. Mijn remiseaanbod werd niet geaccepteerd en er werd op winst gespeeld. Niets zo moeilijk echter als een toreneindspel en mijn tegenstander speelde het niet helemaal goed. Tegenover de enige, maar ver opgeschoven vrijpion van mijn tegenstander kreeg ik twee verbonden vrijpionnen, die door minder spel van mijn tegenstander zo ver opgeschoven konden worden, dat ik met een gerust hart mijn toren kon offeren tegen de laatste zwarte pion. Promotie van mijn kant was niet meer te verhinderen en de winst met dame tegen toren was in dit geval snel binnen. Een overwinning met een blauw oog voor mij, want uit de analyse achteraf bleek dat er ook winstvarianten voor mijn tegenstander waren. En zeker heel veel remisevarianten.

Nog enkele bespiegelingen over de wedstrijd:

  • de witspelers hebben gewonnen met 6,5-1,5;
  • onze gemiddelde leeftijd lag veel hoger dan die van de tegenstander;
  • de coronapauze lijkt meer effect te hebben gehad op ons schaakniveau dan op dat van de tegenstander;
  • of waren we afgeleid door de mooie foto’ s uit Kreta van Theo?
  • ik vond het schaken in de grote zaal prettig met erg veel ruimte, in de analyseruimte ben ik door mijn lange partij niet geweest;
  • als je de laatste partij speelt heb je erg veel publiek, fijn dat je dan nog wint ook;
  • drie jaar geleden wist mijn toenmalige tegenstander met de dame niet snel genoeg van mijn toren te winnen, dus ik vond het niet raar dat mijn tegenstander nog even doorspeelde.

Het gezegde “één zwaluw maakt nog geen zomer” is hopelijk ook voor ons team in omgekeerde vorm van toepassing: met de ontbrekende Gonzalo, Arjan, Gerben en Theo erbij maken we wellicht toch nog kans om ons te mengen in de strijd om de bovenste plaatsen.

foto’s persoonlijke resultaten stand in klasse 4B


Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.